Hans Theys is een twintigste-eeuws filosoof en kunsthistoricus. Hij schreef en ontwierp tientallen boeken over het werk van hedendaagse kunstenaars en publiceerde honderden essays, interviews en recensies in boeken, catalogi en tijdschriften. Al deze publicaties zijn gebaseerd op samenwerkingen of gesprekken met de kunstenaars in kwestie.

Dit platform werd samengesteld door Evi Bert (Centrum Kunstarchieven Vlaanderen). Het kwam tot stand in samenwerking met de Koninklijke Academie voor Schone Kunsten in Antwerpen (Onderzoeksgroep ArchiVolt), M HKA, Antwerpen en Koen Van der Auwera. Met dank aan Idris Sevenans (HOR) en Marc Ruyters (Hart Magazine).

Tamara Van San

Tamara Van San - 2014 - Indian Shuffle [NL, essay],
Tekst , 1 p.

 

 

_______________________

Carla Van Campenhout

 

 

Indian Shuffle

Naar aanleiding van een soloshow van Tamara Van San

 

 

Ik ontmoette Tamara Van San voor het eerst in 2007, tijdens de voorbereidingen van een tentoonstelling. Toevallig bevond ik mij in de tuin van het museum toen de kunstenares arriveerde met een grote bestelwagen, waar ze samen met drie mannen een loodzware sculptuur van polyurethaan uit tilde en vijftig meter verder in het gras plaatste. De anderhalve meter hoge sculptuur stelde een wolk voor, maar deed denken aan een gebalde vuist. Zowel de persoon als de sculptuur straalden een mengeling van sensualiteit en kracht uit.

 

Tijdens de daaropvolgende jaren heb ik Van San verschillende keren ontmoet en gesproken, meestal naar aanleiding van sculpturale installaties of tentoonstellingen. Zo was ik ook aanwezig in het S.M.A.K. toen haar in situ sculptuur ‘The Wandering Tuba Method’ in maart 2010 werd getoond aan Panamarenko. Hij noemde het werk ‘niet slecht’ en bleef er lang naar kijken. Opnieuw ging het om een wonderlijk samengaan van gratie en robuustheid. In roze nylon gevatte langwerpige vormen van polyurethaan waren gewikkeld en geknoopt rond betonijzers die hier en daar eenvoudigweg in oogschroeven gehaakt waren. Sober en indrukwekkend, fijngevoelig en poëtisch.

 

Ik was ook erg onder de indruk van de soloshow in Galerie Tatjana Pieters, nu anderhalf jaar geleden, waar ze uitsluitend sculpturen toonde die ze had gemaakt met gepigmenteerde epoxyhars. De voorbije jaren heeft haar oeuvre zich immers gestaag ontwikkeld door een opeenvolgend aftasten van verschillende materialen. Na een tijd vooral sculpturen van polyurethaan en gips te hebben gemaakt, heeft ze zich enkele jaren geconcentreerd op keramiek. Daarna heeft ze een jaar gewerkt met epoxyhars.

 

Voor deze tentoonstelling wil ze proberen een aantal werken die de voorbije tien jaar ontstonden samen te brengen in een poëtisch geheel. ‘Ik heb ook een aantal nieuwe sculpturen gemaakt met papier en met siliconen,’ vertelde ze mij onlangs, ‘maar ik weet nog niet hoe ik ze zal inzetten. Ik zou het fijn vinden als ik erin slaag aan te laten voelen dat de gebruikte materialen erg belangrijk zijn, maar dat het uiteindelijk toch gaat om de vormen, hun nieuwheid en de manier waarop ze een plek voor zichzelf en hun maker afdwingen.’ En lachend voegt ze eraan toe: ‘En voor jou en de andere toeschouwers, natuurlijk.’

 

Ik kan het niet helpen, maar ik voel een grote bewondering voor deze eigenzinnige vrouw en haar onvoorspelbare, buitensporige sculpturen. Hoe verrassend dat die tegelijk lichtvoetig en duister kunnen zijn, elegant en hard, poëtisch en ontnuchterend… In dit werk lijken we kennis te maken met een ontmoeting tussen het sublieme en het aardse, die haar beslag krijgt in ogenschijnlijk eenvoudige, maar altijd ongebruikelijke vormen. De thema’s liggen besloten in de manier waarop de materialen worden ingezet. De sculpturen lijken commentaar te leveren op wat het betekent een sculptuur te maken. De wereld wordt op een nieuwe, hedendaagse manier voor ons blootgelegd. Verschillende auteurs hebben erop gewezen dat Van San als kind veel heeft gereisd en gezeild en dat ze tegenwoordig regelmatig gaat duiken. Terecht. Je voelt in dit werk een vrije adem, een vastberadenheid en een durf die het provinciale overstijgt. Je voelt de rijkdom van de natuur, de architectuur, de astronomie. Je voelt een geloof in de kunst als wapen om te overleven en als venster op een veranderlijke, altijd verrassende wereld. Dit is genereus werk, gemaakt voor mensen die met hun twee voeten op de grond staan, maar niet bang zijn om te dromen.

 

 

Fontaine d’Amour, 28 oktober 2014