Hans Theys is een twintigste-eeuws filosoof en kunsthistoricus. Hij schreef en ontwierp tientallen boeken over het werk van hedendaagse kunstenaars en publiceerde honderden essays, interviews en recensies in boeken, catalogi en tijdschriften. Al deze publicaties zijn gebaseerd op samenwerkingen of gesprekken met de kunstenaars in kwestie.

Dit platform werd samengesteld door Evi Bert (Centrum Kunstarchieven Vlaanderen). Het kwam tot stand in samenwerking met de Koninklijke Academie voor Schone Kunsten in Antwerpen (Onderzoeksgroep ArchiVolt), M HKA, Antwerpen en Koen Van der Auwera. Met dank aan Idris Sevenans (HOR) en Marc Ruyters (Hart Magazine).

ESSAYS, INTERVIEWS & REVIEWS

Ann Veronica Janssens - 2017 - Duizend keer beter dan hier [NL, review],
, 2 p.




__________

Hans Theys


Duizend keer beter dan hier
Ann Veronica Janssens in het Institut d’art contemporain Villeurbanne



Ann Veronica Janssens (1956) werd laureaat van de Prijs Jonge Schilderkunst in 1979, toen ze 23 was. Tijdens de twintig daaropvolgende jaren maakte ze vooral sculpturale voorstellen met geleend materiaal, zoals blokken van cellenbeton. Na afloop van de tentoonstelling werd het materiaal terugbezorgd, zodat er geen werken zijn overgebleven. De opstellingen die ze creëerde met dit geleende materiaal, nodigden de toeschouwers uit anders naar ruimtes en naar licht te kijken. De materialen waren hulpmiddelen, niet het doel. Om die reden omschreef ik haar werken in 2003 als ‘sculpturale voorstellen’. Voor haar gaat het er immers om uitzonderlijke ervaringen mogelijk te maken die zich zo weinig mogelijk laten herleiden tot een tastbaar voorwerp. Haar vroegere echtgenoot, de kunstenaar Michel François, vertelde mij daarover, in een interview naar aanleiding van haar eerste mistsculptuur in het M HKA (februari 1997), dat algemeen werd gedacht dat Janssens licht en geluid wilde materialiseren, terwijl hij eerder de indruk had dat ze de dingen wilde oplossen.

Diezelfde mistsculptuur, die ‘Muhka’ werd genoemd, wordt vandaag voor de derde keer getoond. Uit de tweede keer, voor de Biënnale van Sidney in 1998, zijn tientallen sculpturen voortgekomen, waarvan er in deze tentoonstelling ook enkele te zien zijn (onder meer een grote lichtster). Ook de huidige herneming werpt een nieuw licht op hetzelfde sculpturale voorstel. Door de overvloedige aanwezigheid van zenithaal daglicht (dat in het Muhka en Sidney ontbrak) gaat de mist zich heel anders gedragen, bijvoorbeeld door het licht op te breken in talloze, nauwelijks waarneembare kleurnuances, die in het M HKA ontbraken. Uiteindelijk maakt Janssens zo de meest zuivere ‘gekleurde’ mistsculptuur die ze ooit heeft gemaakt.
 

Cabinet

Het hart van de tentoonstelling wordt gevormd door een ‘Cabinet’ met proefopstellingen dat Janssens in 2004 en 2005 stapsgewijs samenstelde voor de vijf maand durende groepstentoonstelling ‘One by One’ in het Beerselse Herman Teirlinckhuis. Dit kabinet werd aangekocht door de Frac Villeurbannne Rhône/Alpes en later stelselmatig aangevuld met nieuwe ‘sculpturale voorstellen’, zodat het Institut d’art contemporain momenteel een prachtige collectie van Janssens’ werk bezit. Rond deze kern werd een parcours opgebouwd dat de toeschouwer van zaal tot zaal kennis laat maken met een indrukwekkende reeks belangrijke werken.

Het eerste werk dat we ontmoeten is een nieuw sculpturaal voorstel: een twee à drie meter brede, wervelende, schijnbaar door de wind opgezweepte ‘regenvlaag’, die opgewekt wordt door een machine die in zuiderse landen wordt gebruikt om gebouwen af te koelen. Hier werd deze machine zorgvuldig verwerkt in een loze zoldering, die bovendien opengeklapt kan worden, zodat de machine gemakkelijk onderhouden kan worden. Deze professionele benadering vinden we terug in de hele tentoonstelling, waar verschillende complexe apparaten verborgen werden in onopvallende, valse wanden.
 

Het heelal

Later maken we kennis met vier verschillende, apart geprojecteerde, sterk vertraagde opnamen van één verstuiving van zogenaamd verfrissend water. De beelden doen denken aan melkwegstelsels en Janssens’ fascinatie voor verschijnselen die worden waargenomen in het heelal, maar ook aan de vortexen van het regengordijn dat we zagen toen we de tentoonstellingsruimte betraden. Elders maken we kennis met een installatie die toont hoe deeltjes zoals elektronen en neutronen een spoor van kleine belletjes achterlaten in een vloeistof, met filmopnamen van zonsverduisteringen en met een geluidswerk op basis van golven die worden uitgezonden door een planeet.

De verdampte oliedeeltjes die samen de ‘mist’ vormen, fungeren eigenlijk als prisma’s. In andere zalen maken we kennis met twee op de vloer liggende sculpturen die bestaan uit lichtbrekende partikels, met gebarsten glasruiten en met een prisma die op een raam is gekleefd. Daarnaast zijn er ook verschillende lenzen te zien, bijvoorbeeld een lens die uit een glasruit is geslepen. We maken ook kennis met ‘Tropical Sun’ en ‘Tropical Moonlight’: golfplaten die werden bekleed met bladgoud en bladzilver en zo immaterieel lijken te worden.

Een van de meest fascinerende werken is een kubusvormig glazen recipiënt die is gevuld met twee doorzichtige vloeistoffen die gescheiden lijken te worden door een kleurlaag. Deze kleur is afkomstig van een gekleurd oppervlak dat zich helemaal onderaan bevindt, maar dat we door de specifieke lichtbreking van opzij niet kunnen zien. Een goocheltruc, zo u wil, maar wel een van een adembenemende gratie.

Van al het werk van Janssens gaat zowel een dreiging als een betoverende lichtvoetigheid uit. Als een Möbiusring zijn beide gevoelssferen met elkaar verbonden. Wie ooit nieuwsgierig is geweest naar dit werk, moet nu zeker naar Lyon. Want in België hebt u het nog nooit zo goed kunnen zien. Duizend keer beter dan hier. Dat is een feit dat zeker is.


Montagne de Miel, 9 april 2017