Hans Theys is een twintigste-eeuws filosoof en kunsthistoricus. Hij schreef en ontwierp tientallen boeken over het werk van hedendaagse kunstenaars en publiceerde honderden essays, interviews en recensies in boeken, catalogi en tijdschriften. Al deze publicaties zijn gebaseerd op samenwerkingen of gesprekken met de kunstenaars in kwestie.

Dit platform werd samengesteld door Evi Bert (Centrum Kunstarchieven Vlaanderen). Het kwam tot stand in samenwerking met de Koninklijke Academie voor Schone Kunsten in Antwerpen (Onderzoeksgroep ArchiVolt), M HKA, Antwerpen en Koen Van der Auwera. Met dank aan Idris Sevenans (HOR) en Marc Ruyters (Hart Magazine).

ESSAYS, INTERVIEWS & REVIEWS

Jan Kempenaers - 2007 - De zwaartekracht overwonnen [NL, review],
, 3 p.




__________

Hans Theys


De zwaartekracht overwonnen
Jan Kempenaers in het Middelheim



De voorbije twee jaar werkte Jan Kempenaers aan een mooie reeks foto’s van monumenten in het voormalige Joegoslavië. Deze reeks wordt momenteel tentoongesteld in het Braempaviljoen in het Openluchtmuseum Middelheim. Het prachtige aan deze tentoonstelling bestaat niet alleen in deze foto’s, maar ook in een ruimtelijke ingreep, die werd geformuleerd door Kris Kimpe en Jochen Weber. Het Braempaviljoen is een wonderlijk stuk architectuur, dat werd ontworpen om sculpturen in tentoon te stellen. Toen Ann Veronica Janssens het in 2003 kon gebruiken voor haar tentoonstelling, voegde ze aan de ruimte uitsluitend een projectiescherm toe, waarop een achterstevoren gemonteerd filmpje van de afbraak van ‘De pijl van de burgerlijke bouwkunde’ van Jacques Mouschal te zien was. Meer wilde Janssens niet tonen in deze ruimte, die zelf een prachtige sculptuur is. Vandaag zien we op dezelfde plek vijftien fotografische evocaties van monumenten die even stoutmoedig zijn of waren als ‘De pijl’. De plaatsing van deze monumenten in het landschap (vaak op plekken waar heroïsche of anderszins verschrikkelijke daden hebben plaatsgevonden) vindt een herhaling in de geschrankte, ruimtelijke spreiding van drie transparante structuren die de grote foto’s dragen. Deze ‘wanden’ bestaan uit geschaafde planken die op een handbreedte van elkaar staan, in profiel, zodat de hele ruimte overzichtelijk is gebleven. De profielen van de planken herhalen de brede cementen voegen tussen de donkerrode tegels die gelegd zijn in een diagonaal patroon dat vanuit de hoek rechts van de ingang lijkt te vertrekken en zo de kromming van het gebouw versterkt.

Jan Kempenaers: Tijdens de vernissage maakte iemand zich boos omdat er geen informatie over de gefotografeerde monumenten verkrijgbaar was. Hij vond dat de tentoonstelling op die manier ‘louter esthetisch’ werd. Ik vraag mij af wat daar mis mee zou zijn. Iemand anders had het in een tekst over mijn ‘onderkoelde stijl’. Wat zouden ze daarmee bedoelen? Bijna alle monumenten werden tijdens of net na zonsondergang gefotografeerd, tijdens de avondschemering. Bestaat er romantischer licht?

- Over sommige monumenten ligt de rode glans van de ondergaande zon. Bij één foto hangt op de achtergrond een lage nevel.

Kempenaers: Dat monument bevindt zich bovenop een massagraf (van het concentratiekamp van Jasenovac). Ik had de hele middag foto’s gemaakt, maar de foto’s zagen er te exotisch uit door de staalblauwe lucht. De beste foto’s heb ik gemaakt toen het bijna donker was. En toen kwam die mist opzetten.

- De reeks is voortgevloeid uit een samenwerking met de kunsthistoricus Zlatko Wurzberg, die in een bijbehorende tekst op een prachtige, heldere manier beschrijft hoe het wegvallen van de oorspronkelijke sociale en politieke context deze monumenten een nieuw bestaan als sculptuur heeft bezorgd.

Kempenaers: Voor mij zijn het prachtige sculpturen. Ik hou bijvoorbeeld heel veel van uitkragingen. Het Shipping & Transport College in Rotterdam van Neutelings en Riedijk heeft dat ook, of het Loeters-gebouw van META in Oostende. Je hebt de indruk dat de zwaartekracht wordt overwonnen.

- Zoals bij de stier van Vojin Bakic die je uit het park hebt laten verwijderen en in de tentoonstelling hebt opgenomen?

Kempenaers: Zonder sokkel is de sculptuur veel krachtiger. Je ziet de dunne pootjes beter. Je krijgt ook de indruk dat de stier de neiging heeft voorover te vallen. Bakic is ook de maker van een van de monumenten die op de foto’s te zien zijn.

- Vroeger nodigden je foto’s de toeschouwer uit dichterbij te komen en dan weer afstand te nemen. Je kon de compositie overschouwen of op zoek gaan naar details. Dat is nu veranderd, lijkt mij.

Kempenaers: Ja, vroeger maakte ik foto’s met een soort van non-motief, waarbij je de neiging had abstractie te maken van het feit dat je naar een landschap keek, waardoor je een nieuw beeld ontwaarde. Maar nu is er een motief waarrond de compositie wordt opgebouwd. Wat dat betreft zijn deze foto’s veel eenvoudiger, veel eenduidiger.


Montagne de Miel, 5 december 2007