Hans Theys is een twintigste-eeuws filosoof en kunsthistoricus. Hij schreef en ontwierp tientallen boeken over het werk van hedendaagse kunstenaars en publiceerde honderden essays, interviews en recensies in boeken, catalogi en tijdschriften. Al deze publicaties zijn gebaseerd op samenwerkingen of gesprekken met de kunstenaars in kwestie.

Dit platform werd samengesteld door Evi Bert (Centrum Kunstarchieven Vlaanderen). Het kwam tot stand in samenwerking met de Koninklijke Academie voor Schone Kunsten in Antwerpen (Onderzoeksgroep ArchiVolt), M HKA, Antwerpen en Koen Van der Auwera. Met dank aan Idris Sevenans (HOR) en Marc Ruyters (Hart Magazine).

ESSAYS, INTERVIEWS & REVIEWS

Mekhitar Garabedian - 2008 - Een zacht werk [NL, interview],
, 2 p.




__________

Hans Theys


Een zacht werk
Over een sculpturale installatie van Mekhitar Garabedian



Van Mekhitar Garabedian is tijdens de huidige collectietentoonstelling in het S.M.A.K. het werk ‘Pararan (Dictionary)’ te zien. Dit werk uit 2006 bestaat uit 38 grote sculpturen die eruitzien als luidsprekers en die kriskras over de ruimte verspreid staan. In elke sculptuur zit een geluidsinstallatie verborgen die op een zachte manier alle woorden ten gehore brengt die in het Armeens beginnen met een bepaalde letter. De letter in kwestie werd aangebracht op de luidspreker. (Het Armeens telt 38 letters.) De kunstenaar vroeg vier kennissen of ze alle Armeense woorden wilden voorlezen uit een woordenboek Armeens-Engels.

Mekhitar Garabedian: Taal is heel belangrijk in mijn werk. Ik ben beïnvloed door Wittgenstein en door het werk van Nietzsche, die aantoont dat bepaalde eigenschappen van de taal die we gebruiken tot denkfouten kunnen leiden, omdat we gaan geloven dat dingen die we omschrijven met woorden ook in de werkelijkheid bestaan. Iets anders dat mij boeit is wat er met een taal kan gebeuren ten gevolge van migratie. Ik ben geboren in Syrië. Mijn moeder is afkomstig uit Libanon. In beide landen bevond zich een Armeense gemeenschap. Op mijn vierde ben ik in België komen wonen. Ik spreek Nederlands, maar met mijn ouders spreek ik Armeens. Mijn Armeens lijkt natuurlijk niet op het Armeens dat gesproken wordt in Armenië…

- Hoe is dit werk ontstaan?

Garabedian: Het cliché over het maken van kunst is dat je begint met een idee en dan een medium zoekt, maar in de praktijk verloopt dat altijd anders. Hoe komt een werk tot stand? Onlangs heb ik met mijn vriendin Céline Butaye, die zowel kunstenaar als grafisch vormgeefster is, ons archief uitgepluisd. Zo hebben we per ongeluk ontdekt dat ze veel foto’s van mij heeft gemaakt terwijl ik lag te slapen. Daar hebben we een fotoreeks uit gedistilleerd. De titel is: Intimacy is being angry and it doesn’t relate to anything or anyone because no one is inside of you with your language to understand. Ik heb fotografie gestudeerd aan het KASK in Gent. Tijdens mijn studies maakte ik al geluidsinstallaties of objecten die vertrokken van foto’s. Als afstudeerwerk heb ik een filmpje gemaakt waarin je plooien in een foto ziet verschijnen en vervolgens weer verdwijnen. Mijn grootmoeder had mij een gekreukte foto gegeven met de vraag of ik hem niet kon herstellen… 

- Het werk dat we hier zien (‘Pararan’) is in de eerste plaats een geluidswerk. 

Céline Butaye: Je komt in een zee van woorden terecht. 

- Het is een zacht werk. 

Garabedian: Het is ‘soothing’. Hoe zeg je dat in het Nederlands?

Butaye: Omarmend. 

Garabedian: Mijmerend…

Butaye: Het past bij het geroezemoes dat je hoort in een museum. 

Garabedian: Helder is het niet, maar uiteindelijk hoeft dat niet. De bedoeling is onder meer dat de bezoekers van dit museum ineens ondergedompeld worden in een taal die ze niet begrijpen. 

Butaye: Net zoals de luidsprekers ook een soort van hindernis vormen. 

- Thomas Bernhard schreef dat hij in Spanje graag op een terrasje ging zitten, omdat hij geen Spaans begreep. Zo kon hij zich inbeelden dat de mensen om hem heen heel boeiende gesprekken voerden. Iets wat in Oostenrijk niet mogelijk was. 

Butaye: Als mensen een andere taal spreken heb je ook vaak het gevoel dat het over jou gaat. 

Garabedian: Mensen vinden het soms irritant als iemand in een tram een taal spreekt die ze niet begrijpen. Ik vind dat juist fascinerend: het niet begrijpen, te moeten raden waarover het gaat. 

Butaye: Door de opstelling van de luidsprekers en door het voorleesritme ontstaat er een dialoog tussen de woorden. Je weet niet of het om een echt gesprek gaat of niet. Er is iets dat je ontglipt. 

Garabedian: Door de geschiedenis van het Armeense volk is er een grote discrepantie ontstaan tussen het Armeens dat in de diaspora wordt gesproken en de taal die in Armenië gesproken wordt. Mijn Armeens is een verdwijnende taal. 

Butaye: Het is een werk dat probeert een taal zo objectief mogelijk vast te leggen, maar aan de andere kant maakt het voelbaar hoe ongrijpbaar en broos een taal kan zijn. 


Montagne de Miel, 17 juli 2008