Hans Theys is een twintigste-eeuws filosoof en kunsthistoricus. Hij schreef en ontwierp tientallen boeken over het werk van hedendaagse kunstenaars en publiceerde honderden essays, interviews en recensies in boeken, catalogi en tijdschriften. Al deze publicaties zijn gebaseerd op samenwerkingen of gesprekken met de kunstenaars in kwestie.

Dit platform werd samengesteld door Evi Bert (Centrum Kunstarchieven Vlaanderen). Het kwam tot stand in samenwerking met de Koninklijke Academie voor Schone Kunsten in Antwerpen (Onderzoeksgroep ArchiVolt), M HKA, Antwerpen en Koen Van der Auwera. Met dank aan Idris Sevenans (HOR) en Marc Ruyters (Hart Magazine).

ESSAYS, INTERVIEWS & REVIEWS

Hans Wuyts - 2005 - De wellust van economie [NL, essay],
Tekst , 2 p.

 

__________

Hans Theys



De wellust van economie

Enkele woorden over het werk van Hans Wuyts



In een ruimte staat een paviljoen dat is opgetrokken uit auberginekleurige betonplex. De hoogte van het paviljoen wordt bepaald door de standaardlengte van de gebruikte panelen. Het paviljoen is vier panelen breed en twee diep. Ik hou van de economische, noodzakelijke opbouw. In een van de panelen is een fragment uitgezaagd dat scharniert als een deur. Ik ga naar binnen. Links van mij bevindt zich een houten bank die deel uitmaakt van de constructie. In de bank zitten twee luidsprekers. Rechts van mij flikkert een geprojecteerd beeld dat de hele breedte van de wand beslaat. Het filmpje bestaat uit een reeks taferelen waarin twee identieke mannen in een kale ruimte met een vlekkerige, betonnen vloer en wit geschilderde muren enkele panelen proberen samen te voegen tot een paviljoen.

Het paviljoen komt voort uit een performance-avond die Hans Wuyts samen met Leon Vranken, Steven Elsen en nog enkele kompanen van Post St. Joost heeft georganiseerd in Lokaal 01 in Antwerpen. Het doet denken aan een werk dat Wuyts vorig jaar maakte, waarin de wanden van een betonplexen huisje samengetrokken en weer opengezet werden, aangedreven door draaiende draadstangen en gestuurd door sensoren die de bewegingen van de bezoekers opvingen. Verder waren er ook vier panelen die aan één kant bekleed waren met een bewegend doek. Achter de doeken bevonden zich pinnetjes die in de doeken priemden. De toeschouwer kon zich hier ook van vergewissen. De achterkant van de panelen, met de snoeren, de elektromotoren en de labels, vormden een deel van het werk.

In de filmpjes die getoond werden in het paviljoen zie je ook een soort van achterkant van het werk. Je ziet een kunstenaar die beslissingen tracht te nemen, die aarzelt en twijfelt, die observeert, die uitprobeert, die zit te suffen of te tobben, die van mening verandert, enzovoort.

‘Ik maak gebruik van het motief van de tweeling om het duel tussen de kunstenaar en zichzelf zichtbaar te maken,’ vertelt Wuyts. ‘Ik wilde een kopie van mezelf maken en tonen hoe het maken van elk werk het maken van keuzes vergt. Bij het maken van zo’n keuzes lijkt het alsof je met twee bent. Het werk doet ook een beetje denken aan de manier waarop schilders tewerk gaan: je schildert een beetje, je zet een stap terug om te kijken, je werkt een beetje bij, enzovoort. Doorgaans maak ik vooral installaties waarin ik vertrek van een grens in de ruimte. Ik probeer zo’n grens door te zetten, zodat je een binnenstebuiten effect krijgt. Ik vind dat dat hier wel is gelukt.’

Het eerste werk dat ik van Hans Wuyts heb gezien was een installatie die tot stand kwam naar aanleiding van de sanering van een rangeerterrein in Antwerpen. De opdracht bestond erin het ontoegankelijke terrein, waar op vijf jaar tijd een park zou worden aangelegd, aanwezig te maken voor de omwonenden. Hans Wuyts stelde voor een soort van uitkijktoren annex kunstenaarsstudio schrijlings over de scheidingsmuur te plaatsen. Een prachtige ingreep, die op een andere, maar soortgelijke manier gestalte geeft aan de twijfel van de kunstenaar en de noodzaak uiteindelijk toch voor een bepaalde vorm te kiezen.



Montagne de Miel, 21 maart 2005