Hans Theys is a twentieth-century philosopher and art historian. He has written and designed dozens of books on the works of contemporary artists and published hundreds of essays, interviews and reviews in books, catalogues and magazines. All his publications are based on actual collaborations and conversations with artists.

This platform was developed by Evi Bert (Centrum Kunstarchieven Vlaanderen) in collaboration with the Royal Academy of Fine Arts in Antwerp (Research group Archivolt), M HKA, Antwerp and Koen Van der Auwera. We also thank Idris Sevenans (HOR) and Marc Ruyters (Hart Magazine).

ESSAYS, INTERVIEWS & REVIEWS

Sofie Haesaerts - 2015 - Onscheidbare schoonheid [Nl, review],
Review , 2 p.

 

 

 

_____________

Hans Theys

 

 

Onscheidbare schoonheid

Virginie Bailly, Sofie Haesaerts en Ermias Kifleyesus in D’Apostrof

 

 

In de fraaie ruimte van galerie D’Apostrof is een boeiende tentoonstelling te zien met werken die op een genereuze manier met elkaar aan de praat raken. De galeriehoudster, Ann D'Haens, is nu vier jaar bezig en maakt steeds mooiere tentoonstellingen. (In een aanpalende ruimte worden ook concerten georganiseerd.)

 

Van Virginie Bailly (°1976) is nieuw werk te zien, dat meer open is dan vroeger: het wit van het doek is belangrijker geworden en de schilderijen zelf lijken samengesteld uit aanzetten. Hierdoor lijken deze werken ineens verwant met de luchtige, gefragmenteerde schilderijen van Ermias Kifleyesus (°1974) en de soms geometrische verbrokkeling van de sculpturen van Sofie Hasaerts (°1972).

 

Van Hasaerts is onder meer een sculptuur te zien die een huid heeft van pareltjes die samen gekleurde driehoeken vormen. De sculptuur werd gemaakt met materiaal van het monumentale werk ‘Bodhisattva’ (2010), dat tot stand kwam in samenwerking met Netwerk in Aalst en later werd ontmanteld. De sculptuur zelf kan op verschillende manieren getoond worden. Zo roept Hasaerts met haar sculpturen een illusie van beweging op, vooral het uiteenvallen en samenklonteren. Naast een met fineer afgewerkte, houten sculptuur, liggen keramische scherven. Nog een andere sculptuur, een stok, werd omwonden met garen, waardoor een dégradé ontstaat: een schiften of een samenvloeien. Daarnaast zien we ook een sculptuur die bestaat uit twee delen: enerzijds een geknakt, industrieel vervaardigd, langwerpig metalen element, anderzijds een in India ambachtelijk vervaardigde, houten kopie ervan. Hasaerts vertelt mij dat ze gefascineerd is door denk- en gedragspatronen en de moeilijkheid die te doorbreken. In haar werk lijkt ze de poriën en minieme barsten van de wereld op te sporen en na te maken. Dingen kunnen uit elkaar genomen worden en weer in elkaar gezet. En dat laat mooie sporen na. Ongelooflijk, dat dit werk ook nog te koop is! 

 

Verder bevat deze tentoonstelling ook verrassend nieuw werk van Ermias Kifleyesus: een traditioneel opgeleid schilder die vrijwel niet meer schilderde. Toen ik in 2009 een schilderij van hem zag, dan was dit bedoeld als document, als getuigenis van een performance. Maar het was prachtig geschilderd. Heel sensueel, verwant met zijn sculpturale installaties met uitgestrooide kruiden, die hun aroma prijsgaven als je erover liep. Nu zijn er echter geheel eigen schilderijen ontstaan, waardoor de man als het ware kan terugkeren naar zijn oorspronkelijke passie. De eerste aanzet tot dit nieuwe werk bestond in het aanbrengen van bladen papier in telefoonwinkels. De werken bestonden dan uit de krabbels van de bellers. Later ontwikkelde Kifleyesus een techniek om deze en andere krabbels over te zetten op muren. Ondertussen verzamelde hij ook oude schilderijen, die hij kocht op voddenmarkten. “Hoe langer ze te koop zijn, hoe meer ze vergaan door de regen en hoe goedkoper ze worden,” vertelde hij mij. Toen ik Kifleyesus voor het eerst ontmoette, in 2007 of 2008, maakte hij stillevens met afval. Het bijzondere was echter, dat dit er tegelijk bleef uitzien als afval. Je moest goed kijken om het stilleven te kunnen zien. Nu heeft hij verschillende technieken ontwikkeld om de verflaag van oude schilderijen los te maken en opnieuw op te kleven. Zijn dragers zijn steeds verschillend, naargelang van de stemming die hij wenst op te roepen. De fragmenten van bestaande schilderijen combineert hij met eigen toevoegingen. Het geheel blijft eruit zien als een fresco, met lacunes. Hier en daar herkennen we een figuratief fragment. Soms kleeft hij een fragment achterstevoren op het doek, zodat we de onderzijde van de allereerste verflaag zien. De gebruikte techniek doet mij denken aan de manier waarop bladgoud wordt aangebracht, waardoor je een mooie omkering van waarden verkrijgt. “Schoonheid is onscheidbaar van het lagere,” schreef Flaubert in een van zijn brieven. In die zin is het werk van Kifleyesus ook politiek geladen. Het roept een wereld op die wij niet kennen, waar wij bang van zijn, maar die hem drijft.

 

 

Montagne de Miel, 5 mei 2015